Gelukkig heet Cocu, Philip met zijn voornaam en niet Harry

0

Waar zouden de spelers van PSV nu precies bang voor geweest zijn tijdens de wedstrijd tegen Ajax? Dat vraag ik mij af na de onthutsend slechte prestatie van de Eindhovenaren, die in de hele wedstrijd niet een keer op doel schoten en kansloos met 0-2 verloren. Ze stonden met de staart tussen de benen op het veld, bijeengedreven als een stel makke schapen, met grote ogen rondkijkend naar het naderende onheil. Alsof ze Barcelona tegenover zich hadden in een kolkend Nou Camp. Maar het waren niet Messi, Xavi en Puyol tegen wie ze het op moesten nemen, maar jeugdspeler Van Rhijn, jeugdspeler Lukoki, de kleine Anita en het al veel te licht bevonden zoontje van Danny Blind.

Diezelfde bangheid had ik dit weekend al eerder gezien. Op zaterdagochtend op een akker, veldje in Riethoven. Bij  de E-tjes. Nu is Riethoven uit behoorlijk eng, maar geen reden om bang op het veld te gaan staan. Helemaal als je thuis met 9-0 van ze hebt gewonnen. Toch gebeurde het in de tweede helft, zelfs na een 0-3 voorsprong bij rust.

Zeven 10-jarige jochies. Twee keer beter dan de tegenstander, die naarmate de wedstrijd vorderde, steeds angstiger en vooral slechter gingen voetballen en op een gegeven moment voor het eigen doel samenklonterden en zich lieten afschieten door jongens die nog Jan, Harm en Arie heten. Eindstand Riethoven E1 – Wilhelmina Boys E3: 4 – 3.

Nu is de oorzaak bij het team van mijn zoontje (want daar gaat het over) duidelijk aan te wijzen. De uitwedstrijden worden verloren of misschien een keer gelijk. En dat terwijl ze thuis van al die tegenstanders met 10 – 0 of meer winnen.  Hoe dat kan? De oorzaak heet de trainer. Laten we hem Harry noemen.

Harry is namelijk de trainer/coach tijdens de uitwedstrijden, terwijl iemand anders (laten we hem Sjoerd noemen) de trainer/coach is bij de thuiswedstrijden. Een groter verschil tussen 2 trainers kan er niet bestaan.  Wat Sjoerd opbouwt, breekt Harry af. Waar Sjoerd coacht, zwijgt Harry. Waar Sjoerd het opneemt voor zijn jongens, kijkt Harry op zijn wisselschema. Waar Sjoerd een lolletje maakt, verkrampt Harry. Wat Sjoerd ze leert, leert Harry ze weer af. Waar Sjoerd complimenteert, tiert Harry met overslaande stem. Waar Sjoerd positiveert, wordt Harry’s hoofd steeds roder en bezweter.

Harry zweet namelijk ook heel erg. Zo gespannen is hij. Dat begint al als Harry uit de auto stapt op het parkeerterrein van de tegenstander. Harry is namelijk doodsbang dat hij de kleedruimte niet op tijd kan vinden. Zijn andere grootste angst is: op welk veld moet ik zijn?

Ziet u het voor zich. Een lekkere, frisse wolkenloze zaterdagochtend met een opwarmend zonnetje. Acht, een beetje met een bal klotende jongens, met een veel te grote sporttas, wachtend op hun coach. En dan Harry die daar zonder begroeting door heen dendert, wat mompelt over kleedlokalen en met beginnende vochtplekken onder zijn armen nerveus naar het juiste kleedlokaal en daarna veld zoekt.

Het is om de week weer een zichzelf repeterende belevenis. Vol vetrouwen van de thuiswedstrijd ervoor en de positieve invloed van Sjoerd beginnen ze goed aan een uitwedstrijd. Maar na 10 minuten en een 2 of 3-0 voorsprong, begint Harry de overhand te krijgen en vervaagt Sjoerd aan de horizon. Goed samenspel verandert in gepingel en wilde trappen naar voren. Lachende gezichten en een grap maken plaats voor boosheid en op elkaar mopperen. Durf en flair worden ingeruild voor bangheid en hangende kopjes.

Nabesprekingen? Daar doet Harry niet aan. Hij maakt zich na de wedstrijd het liefst zo snel mogelijk uit de voeten en reageert zich dan veilig thuis via de teamsite af op de jongens. Alhoewel, Harry doet de laatste tijd helemaal niks meer aan de website. Zou dat iets te maken hebben met het grote, opvallende verschil in de uit- en thuiswedstrijden?

Als je hem voorzichtig op zijn gedrag probeert aan te spreken, wordt Harry meteen erg boos en emotioneel. Dan ben je irritant en een bemoeial en dreigt ie met opstappen. Deed hij dat maar, maar hij blijft gewoon zaterdagen verpesten voor 8 kinderen. En de club grijpt helaas niet in.

Als je naar de eerste de beste Albert Heijn gaat en je gaat naar het schap met de zuivel, dan haal je Harry niet tussen de pakken vanillevla uit. Het is opmerkelijk dat in het jeugdvoetbal, iedere malloot die niet met kinderen kan omgaan zomaar, zonder enig diploma of cursus, zonder enige voetbalkennis en zonder zelf te kunnen voetballen trainer of coach kan worden.

Het is misschien nog wel opmerkelijker dat je dit verhaal door kan trekken naar PSV. Ook daar heeft bijna 3 jaar een trainer aan het roer gestaan die de zaterdagen, zondagen en donderdagen aan het verpesten was met zijn laffe, verdedigende, achteruitlopende, voorzichtige, onsamenhangende voetbal. Ook daar greep de club maar niet niet in, terwijl iedereen  zag en zei dat het niet om aan te zien was. En als die trainer eindelijk ontslagen is, omdat het ook in de ogen van de directie te gortig werd, stellen ze iemand aan, die mede verantwoordelijk is geweest voor het slechte spel en de nog slechtere resultaten: Philip Cocu. Wat een amateuristische sport is het toch!

Gelukkig heet Cocu Philip met zijn voornaam en niet Harry, dus ik hoop dat het dit jaar nog goed komt met PSV, maar ik vrees het ergste…

Reageer

Please enter your comment!
Please enter your name here